Koranstudie: Profeten en boodschappers van Allah – gestuurd onder alle volken voor leiding

De koran zegt dat de profeten onder alle volkeren verschenen en dezelfde basisleringen gaven: Sommigen van deze volken accepteerden de profeten die onder hen waren verschenen. Anderen bleven in dwaling en verdienden terecht om in dwaling te blijven. Dat kwam omdat verschillende factoren hen verhinderden de waarheid te aanvaarden, zoals hoogmoed, ego, vooroordelen, angst om […]

De koran zegt dat de profeten onder alle volkeren verschenen en dezelfde basisleringen gaven:

Sommigen van deze volken accepteerden de profeten die onder hen waren verschenen. Anderen bleven in dwaling en verdienden terecht om in dwaling te blijven. Dat kwam omdat verschillende factoren hen verhinderden de waarheid te aanvaarden, zoals hoogmoed, ego, vooroordelen, angst om hun bevoorrechte positie in de samenleving te verliezen, het koesteren van hun verworven overtuigingen, enz.

Op de dag des oordeels zal Allah aan de zondaren vragen:

Aangezien het hier gaat om mensen in het algemeen, blijkt hieruit dat in elk volk profeten verschenen. Via hem droeg Allah de mensen op de duivel niet te volgen, maar zich aan Allah te binden (“dien Mij”). Zij kregen deze instructies in hun hoedanigheid van “kinderen van Adam”, en niet als behorend tot een bepaald ras, stam of land.

Het vers wat erna volgt bevat ook een belangrijk punt:

Het woord hier voor “begrijpen” (‘aql) duidt op het gebruik van je verstand en intellect. Het wilt eigenlijk zeggen: als je je denkvermogen had gebruikt, zou je niet door de duivel op een dwaalspoor zijn gebracht. Het gebruik van je verstand, rede en kennis kan een persoon beschermen tegen de influisteringen van de duivel. Verstand en rede wijzen hem de juiste weg. Onwetendheid en bijgeloof daarentegen maken iemand vatbaar voor misleiding.

De koran maakt niet alleen bekend dat onder alle volken profeten zijn verschenen; het gaat verder en maakt het een vereiste voor een moslim dat hij in al die profeten gelooft.

Dit vers formuleert de fundamentele leerstellingen van de islam en de basispraktijken die een moslim moet volgen. Maar het begint met ons eraan te herinneren dat je geen goede moslim bent vanwege de lichamelijke handelingen van aanbidding die je verricht. “Het is geen rechtschapenheid dat jullie je gezichten naar het oosten en het westen wenden,” betekent dat het niet de richtingen zijn waarnaar je je lichaam keert die jou goed en edel maken. Of meer in het algemeen, elke handeling van je lichaam.

Na het noemen van de geloofspunten gaat het vers over op de praktijken die van een moslim worden verlangd. Het vers noemt het formele gebed (ṣalaat) en de formele verplichte liefdadigheid, bekend als zakaat. Het noemt deze twee zaken niet in het begin, maar pas later. Dit ondanks het feit dat dit de meest elementaire plichten van een moslim zijn.

Wat er aan het begin staat is: “En die uit liefde voor Hem bezit uitgeeft,” aan verschillende mensen die dat nodig hebben. “Uitgeven van je bezit” houdt ook in dat je je vaardigheden, talenten, bekwaamheid en energie aanwendt. Nu is dit uitgeven van je bezit “uit liefde voor Allah” vrijwillig. Het is aan een individu om te beslissen wat uit te geven en aan wie. Dat dit geplaatst wordt aan het begin, vóór het formele gebed en de formele liefdadigheid (zakaat), laat ons het volgende zien. Als we ons deze eigenschap,  namelijk dat we onze materiële bezittingen aanwenden, niet eigen maken, dan zijn onze mechanisch uitgevoerde gebeden en onze plichtmatige betaling van de zakaat als een belasting niets anders dan inhoudsloze handelingen.

Islamlab

Select the fields to be shown. Others will be hidden. Drag and drop to rearrange the order.
  • Image
  • SKU
  • Rating
  • Price
  • Stock
  • Availability
  • Add to cart
  • Description
  • Content
  • Weight
  • Dimensions
  • Additional information
Click outside to hide the comparison bar
Compare