Khutbah van Maulana Muhammad Ali, Uit: Khutbat, Deel 13, khutbah nummer 20, 31 oktober 1938
Ik getuig dat niemand het waardig is om gediend te worden behalve Allah, en ik getuig dat
Mohammed de dienaar en boodschapper van Allah is.
Daarna zoek ik toevlucht bij Allah tegen de vervloekte duivel.
In de naam van Allah, de Weldadige, de Barmhartige.
Het beste gebed is Al-Fātiḥah. Wanneer men alleen bidt, kan men bepaalde woorden ervan
herhaaldelijk reciteren, totdat het hart erdoor geraakt wordt, en er een toestand van nederigheid
in het innerlijk ontstaat.
Alle lof behoort toe aan Allah, de Heer der werelden.
Terwijl je deze woorden van Al-Fātiḥah reciteert, richt je aandacht op de grootse zegeningen en
gunsten van Allah, de Allerhoogste. Soms moet men zich, juist te midden van moeilijkheden, ook
bewust zijn van het feit dat een groot deel van de innerlijke vorming van de ziel juist door
beproevingen plaatsvindt. Bovendien, wanneer een mens moeilijke omstandigheden doormaakt,
dient dat tegelijkertijd als een middel tot geestelijke ontwikkeling voor anderen.
Men zou moeten nadenken over de reikwijdte van Allah’s uitoefening van zorgzaamheid — hoe
die zich uitstrekt over de hele schepping, van het laagste tot het hoogste. De mens is slechts een
spikkeltje binnen de totale schepping van Allah, en toch ontvangt hij de aandacht van de Heer der
werelden.
Het doel van lofprijzingen tijdens onze smeekbeden is dat innerlijke rust het hart doordringt, en
deze lofprijzingen moeten voortduren totdat dit gevoel zich manifesteert.
De Weldadige, de Barmhartige. Meester van de dag des oordeels.
Wanneer men continu “de Weldadige, de Barmhartige en Meester” in gedachten houdt, dient
men stil te staan bij Zijn onbegrensde barmhartigheid. Zijn barmhartigheid is zo allesomvattend
dat Hij haar schenkt zelfs zonder dat erom gevraagd of gezocht wordt. En als een mens een fout
begaat, wordt hij behandeld zoals een Meester Zijn dienaar behandelt – met vergeving. Een hart
dat werkelijk vol van berouw is zou continu moeten verlangen om op deze wijze behandeld te
worden. De barmhartigheid van Allah is in staat om alle moeilijkheden waarmee wij worden
geconfronteerd, weg te nemen.
U alleen dienen wij en U alleen smeken wij om hulp.
Dit is de kern van Al-Fātiḥah. Betrek hierin, en ook in gebed hierna, ook je vrienden en
medegelovigen. Zonder Allah’s hulp is het zelfs niet mogelijk om Hem te aanbidden. Alleen
wanneer Hij je de mogelijkheden en capaciteiten schenkt, ben je in staat de gedachte los te laten
dat je je hoop moet vestigen op andere personen en zaken dan Allah en dat je daarvan
afhankelijk bent. En pas dan ben kun je je volledig tot Hem wenden voor hulp.
Tijdens deze smeekbede dient u ook het belangrijke doel van onze organisatie voor ogen te
worden gehouden:
O Allah! Wij wensen Uw Woord en Uw religie in de hele wereld te verspreiden. Voor dit doel staan wij
voor U met ons bezit en ons leven. Maar wij kunnen dit werk niet verrichten zonder Uw hulp. Daarom
vragen wij Uw hulp. Schenk ons alstublieft de kracht en de middelen om dit werk te volbrengen.
Leid ons op het rechte pad, het pad van degenen aan wie U gunsten hebt geschonken.
Dit is een zeer ruim omvattend gebed. Het rechte pad is noodzakelijk bij elke taak die wij
ondernemen. Als onze voetstappen van dat pad afdwalen, worden al onze inspanningen
tenietgedaan.
O Allah! U hebt dienaren gehad over wie Uw Barmhartigheid zich uitstrekte, en U verkoos hen om Uw
naam in de wereld te verheffen. U reinigde hun harten en zuiverde die met Uw genade. Zij wijdden hun
gehele leven aan U. Wij zijn zelf niet in staat dat te doen. Maar wij verlangen er vurig naar om in hun
voetsporen te treden. Wij wensen Uw naam in de wereld verheffen. Leid ons alstublieft op dit pad.
O Allah! Degenen die wensten om Uw naam in de wereld te verspreiden, faalden nooit. Zij waren de
ontvangers van Uw gunsten en hulp. Schep alstublieft datzelfde oprechte verlangen in onze harten, en
ondersteun ons zoals U hen ondersteunde. En laat ons opklimmen tot aan de top van de hoge minaret
van het succes.
Voor mensen die aan zichzelf twijfelen of zij überhaupt in staat zijn iets te verrichten,
zijn de woorden: Het pad van degenen aan wie U Uw gunsten hebt geschonken, de remedie tegen
twijfel. Elke persoon die opstond om de naam van Allah in de wereld te verspreiden, is nooit
zonder succes gebleven. Zij zijn degenen die de speciale gunsten van Allah, de Verhevene,
ontvingen.
Andere gebeden naast Al-Fātiḥah
De laatste twee verzen van Soera Al-Baqarah zijn eveneens van hoge status, vergelijkbaar met de
status van Al-Fātiḥah. Deze verzen kan men opzeggen tijdens het tahajjud-gebed, als onderdeel van
de koranrecitatie, of als onderdeel van het Qunūt-gebed.
Onze Heer, straf ons niet als wij vergeten of een fout begaan.
Vergeetachtigheid en fouten maken behoren tot het menselijk gedrag. Wij zoeken Uw bescherming,
onze Heer, tegen de schadelijke gevolgen daarvan — voor onszelf en voor onze broeders.
Leg ons geen zware last op, en behoed ons ervoor dat wij ons beloften breken. Volken en mensen die
hun belofte verbreken, worden door Allah verworpen. Wij hebben een verantwoordelijkheid op
ons genomen. Wij hebben een verbond gesloten met een persoon die door U is aangesteld om
de religie voorrang te geven boven wereldse zaken, en om de behoeften van de religie te
verkiezen boven wereldlijke zorgen. O Allah! Schenk ons het vermogen om deze belofte na te komen.
Bid hartstochtelijk voor uzelf, uw vrouw en kinderen, en al uw broeders om beschermd te
worden tegen het breken van beloften.
“Onze Heer, belast ons niet (met moeilijkheden) die wij niet kunnen dragen. En vergeef
ons! En schenk ons bescherming! En wees ons genadig! U bent onze Beschermer, schenk
ons daarom de overwinning op het ongelovige volk.”
Dit is de essentie van de hele soera: het juiste gevoel dat Allah in het hart van elke gelovige wil
doen ontstaan. De strijd tussen de islam en het ongeloof is er altijd geweest. De islam heeft
echter in deze tijd een staat van extreme hulpeloosheid bereikt. De golven van ongeloof lijken
alles te overweldigen wat op hun pad komt. Alle pracht en weelde van het wereldse bestaan
bevinden zich in de handen van het ongeloof. Het lijkt op alle fronten de overhand te hebben.
Na de tijd van de Heilige Profeet lijkt dit wel de donkerste periode te zijn in de strijd tussen islam
en ongeloof. Moslims — in plaats van hun religie te steunen — vallen zelf ten prooi aan het
ongeloof. O Allah! Help degenen die Uw religie ondersteunen. Dit is Uw belofte:
“En voorwaar, Allah zal hem zeker helpen die Hem helpt.” (22:40)
Wanneer wij met deze woorden bidden, moet onze focus gericht zijn op de dajjal waarvoor de
Beloofde Messias is gezonden. Het moet het diepste verlangen in onze harten zijn dat de roep
Allāhu Akbar weerklinkt in de centra van ongeloof in Europa en Amerika.
Vergelijkbare gebeden — waarin wordt gevraagd om standvastigheid voor uzelf en voor uw
broeders, en om rust in uw hart te laten neerdalen — dient men tijdens de koranrecitatie in het
gebed uit te spreken, of tijdens de Qunūt. Deze gebeden zijn te vinden in Paigham Sulah, Bestand
Nummer 73, gedateerd 15 november 1930.
De toestand van sujūd (neerwerping) is de positie van uiterste nederigheid, waarin een mens zijn
hoofd plaatst aan de voeten van zijn Meester. Dit is de meest geschikte toestand om nederigheid
te tonen, zijn verlangen naar Allah’s liefde tot uiting te brengen en Zijn welbehagen te zoeken. Op
dat moment kan men bidden in het Arabisch of in zijn eigen taal.
Deze gebeden moeten niet alleen gericht zijn op de verbreiding van de islam, maar ook om de
vernedering en de schande van de moslims te verwijderen. Vooroordelen verblinden de harten
van de moslims, waardoor zij niet kunnen zien, hoewel zij ogen hebben.
Er is een persoon die de fundamenten heeft gelegd voor de verspreiding van het Woord van Allah
en Zijn boodschap over de hele wereld, en moskeeën heeft laten bouwen in de donkere
uithoeken van Europa, vanwaar de roep Allāhu Akbar weerklinkt. Velen onder de prominente
aanbidders van de materiële wereld raakten overtuigd van het bestaan van de Goddelijke
Werkelijkheid. Helaas! Als zij dit alles hadden gezien en waren opgestaan om zich bij hem aan te
sluiten, dan zou vandaag elke Europese stad weerklonken hebben van de roep Allāhu Akbar.
Bid ook voor de Qadian organisatie. Aan de ene kant zijn zij gevallen in de afgrond van
persoonsverheerlijking van hun geestelijke leiders. In plaats van de religie boven de wereld te
stellen, maakten zij politiek tot hun doel, en stelden zo de wereld boven de religie. Zij hebben het
streven om de heilige koran aan de wereld te verkondigen terzijde geschoven. In plaats van
eerbied voor de religie te bevorderen, zijn zij bezorgd om eer voor de materiële wereld.
Daarbovenop hebben zij het fundament gelegd voor een houding van overdrijving en
extremisme. De persoon die eens de aanspraak op profeetschap van een ander vervloekte, werd
later zélf als een profeet voorgesteld. Daarenboven hebben zij zeshonderd miljoen belijders van
de geloofsformule als ongelovigen bestempeld, door te verklaren dat niemand nu nog een
moslim wordt door het uitspreken van de woorden (Kalima): Er is niemand die het verdient om
aanbeden te worden behalve Allah; Mohammed is de boodschapper van Allah. Op deze wijze hebben
zij het Kalima afgeschaft.
Bid ook voor de kracht, stabiliteit en uitbreiding van uw organisatie. Dit is de enige organisatie die
de islam en de heilige koran verspreidt en publiceert. Moge Allah het vuur van liefde voor Zijn
religie met zulk een intensiteit ontsteken in de harten van haar leden dat het de liefde voor de
materiële wereld tot as verbrandt. Laat alle leden van de organisatie zich verenigen om de naam
van Allah en Zijn Boodschapper, de Heilige Profeet Mohammed, wereldwijd te verkondigen.
Moge Allah hun de capaciteiten geven om grotere offers te brengen dan een groep die zich wijdt
aan de verering van geestelijke leiders of zich inspant om hen te behagen. Zoals in de woorden
van de heilige koran staat:
“…En degenen die geloven zijn sterker in hun liefde voor Allah…” (2:165)
Met alle nederigheid,
Mohammad Ali
(Paigham-e-Sulah, 31 oktober 1938)
